Rapport Wennink logo

Wat is een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie en waarom is het nodig?

23 juli 2026
Wat is een Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie en waarom is het nodig?

Met het wegvallen van nieuwe rondes van het Nationaal Groeifonds ontbreekt het in Nederland aan een instrument dat innovatie-ecosystemen langdurig ondersteunt. Dat is een gemis, omdat consistente en voorspelbare ondersteuning nodig is om gericht te investeren in het toekomstige verdienvermogen van ons land. Daarom is een nieuw instrument nodig dat dit gat opvult én leert van de beperkingen van het Groeifonds. Om hier invulling aan te geven, stelt het Rapport Wennink de oprichting voor van een Nationaal Agentschap voor Baanbrekende Innovatie (NABI).
Inmiddels wordt gesproken over Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie, afgekort als NADI. Deze afkorting houden we hier dan ook aan.

Vorige maand riepen 80+ investeerders, onderzoekers, kennisinstellingen en bedrijven in een open brief aan de Tweede Kamer hetzelfde op. In dit artikel lees je wat een NADI precies inhoudt en waarom het nodig is.

Het Nederlandse innovatiesysteem is sterk in stapsgewijze verbetering, maar minder goed in het realiseren van technologische doorbraken die bestaande markten en technologieën fundamenteel veranderen. Er ontbreekt een organisatie die zich specifiek richt op het ontwikkelen én vermarkten van zulke baanbrekende innovaties.

Het NADI moet worden ingericht naar het voorbeeld van de Amerikaanse onderzoeksagentschappen DARPA en ARPA: (Defense) Advanced Research Projects Agency. Die organisaties hebben laten zien dat een combinatie van autonomie, focus en langjarige financiering kan leiden tot grote technologische doorbraken, zoals het internet, GPS, mRNA-technologie en autonome systemen. Ook andere Europese landen erkennen inmiddels deze behoefte: Duitsland en het Verenigd Koninkrijk beschikken al over vergelijkbare organisaties en Frankrijk werkt aan een eigen variant.

Binnen het NADI moet ook ruimte zijn voor een nieuw langjarig investeringsinstrument dat de doelstellingen van het Nationaal Groeifonds voortzet, maar deze doelgerichter en sterker op de markt richt. Anders dan het Groeifonds moet dit geen afzonderlijk fonds zijn, maar een integraal onderdeel van het agentschap. Totdat het NADI operationeel is, moeten het Nationaal Groeifonds en de lopende projecten maximaal worden ondersteund. Door ecosysteemontwikkeling, missiegedreven innovatie en disruptieve technologieontwikkeling binnen één organisatie samen te brengen, ontstaat de schaal en samenhang die het huidige innovatiestelsel mist.

Het NADI moet een autonome publieke organisatie worden, op afstand van de overheid, met een meerjarig budget van € 1,5 tot € 2 miljard. De missie is helder: het ontwikkelen van disruptieve technologische innovaties binnen de vier prioritaire domeinen van het Rapport Wennink: digitalisering en AI, veiligheid en weerbaarheid, energie- en klimaattechnologie, en life sciences en biotechnologie. Om de onafhankelijkheid en continuïteit te waarborgen, is waarschijnlijk een aparte oprichtingswet nodig waarin het mandaat, de governance en de financiering worden vastgelegd.

De werkwijze van het NADI is programmagedreven. Tijdelijke programma's richten zich op concrete maatschappelijke of technologische uitdagingen met een hoog risico, maar ook een groot potentieel. Ze worden geleid door programmamanagers met internationale ervaring in hightechonderzoek en innovatie. Elk programma kent een duidelijk doel, een vaste looptijd en meerdere parallelle oplossingsrichtingen, zodat de kans op een succesvolle doorbraak wordt vergroot.

Bij het bepalen van de onderzoeksagenda betrekt het NADI bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties. De uiteindelijke keuzes worden echter onafhankelijk binnen het agentschap gemaakt. Daarmee blijft het NADI zowel verbonden met de praktijk als onafhankelijk in zijn strategische afwegingen.

Het Rapport Wennink benadrukt daarnaast dat innovatie pas echt succesvol is als nieuwe technologieën ook daadwerkelijk worden toegepast. Daarom moet de overheid nadrukkelijk optreden als launching customer. In Nederland wordt het publieke inkoopbudget nog nauwelijks ingezet om innovatie te stimuleren, terwijl dit in andere landen juist een belangrijk instrument is. Het voorstel is daarom om wettelijk vast te leggen dat een vast percentage van het rijksinkoopbudget wordt besteed aan innovatieve oplossingen, bijvoorbeeld via NABI-projecten, innovatiepartnerschappen of zogeheten advance market commitments.

Het Amerikaanse voorbeeld laat zien dat zo'n aanpak effectief kan zijn. Daar zijn federale ministeries verplicht een deel van hun inkoopbudget te besteden aan innovatieve oplossingen van mkb-bedrijven. Door een vergelijkbare aanpak te hanteren kan ook de Nederlandse overheid structureel de eerste afnemer worden van veelbelovende innovaties. Daarvoor is wel aanpassing van de aanbestedingsregels nodig, zodat innovatieve oplossingen sneller en eenvoudiger kunnen worden ingekocht.

Ook nadat NADI-programma's zijn afgerond, moeten overheden eenvoudiger technologieën kunnen aanschaffen die met publiek geld zijn ontwikkeld. Daarnaast kunnen zogeheten regulatory sandboxes (gecontroleerde proeftuinen waarin innovatieve bedrijven nieuwe technologieën en bedrijfsmodellen kunnen testen in de praktijk) helpen om nieuwe technologieën sneller te testen en op te schalen. Zo ontstaat een directe verbinding tussen onderzoek, ontwikkeling en toepassing, iets wat in het huidige innovatiestelsel vaak ontbreekt.

Met deze opzet kan het NADI uitgroeien tot een slagvaardige organisatie die disruptieve technologieontwikkeling stimuleert en versnelt. Tegelijkertijd vervangt het de huidige versnippering van innovatieprogramma's door één centraal, overzichtelijk loket voor baanbrekende innovatie, met minder bureaucratie en meer strategische focus.

Met de oprichting van het NADI ontstaat een structuur die complementair is aan de Nationale Investeringsbank (NIB): het NADI ontwikkelt de doorbraaktechnologieën, de NIB maakt industrialisatie in Nederland mogelijk. Daardoor zijn we in Nederland in staat om op alle TRL-niveaus financieringsmogelijkheden te bieden.

Met deze combinatie kan Nederland de kritieke posities opbouwen die nodig zijn om strategisch relevant te blijven, transities verder te helpen en de noodzakelijke economische groei te realiseren.

Klik hier om naar de website van NADI te gaan.